KINDERBIJSLAG




Inhoud


De kinderbijslag (ook bekend als het kindergeld) is een maandelijkse bijdrage in de kosten voor de opvoeding van een kind. Vanaf 1 januari 2019 treedt een nieuw kinderbijslagsysteem in werking.

Voorwaarden


Jonger dan 18

Tot 31 augustus van het jaar waarin uw kind 18 wordt, hebt u onvoorwaardelijk recht op kinderbijslag.

Tussen 18 en 25

Vanaf 1 september van het jaar waarin een kind 18 wordt tot en met de maand waarin het 25 wordt, hebt u onder bepaalde voorwaarden recht op kinderbijslag:
  • Secundair onderwijs
    • uw kind volgt voltijds secundair onderwijs, onderwijs met een beperkt leerplan, of een ondernemersopleiding
    • uw kind volgt volwassenenonderwijs (het vroegere onderwijs voor sociale promotie) voor minstens 17 uur per week
    • uw kind volgt een van de types van het deeltijds secundair onderwijs of erkende vorming en het inkomen of de sociale uitkering bedraagt niet meer dan 541,09 euro brutto per maand
    • uw kind volgt buitengewoon onderwijs
  • Hoger onderwijs
    • uw kind is ingeschreven volgens de bachelor-masterstructuur (BAMA) in één of meer instellingen voor hoger onderwijs, volgt daarin een of meerdere opleidingen, en is ingeschreven voor minstens 27 studiepunten.
    • uw kind volgt een doctoraatsopleiding voor meer dan 27 studiepunten (studiepunten voor de redactie van een doctoraatsverhandeling tellen niet mee)
    • uw kind volgt volwassenenonderwijs (het vroegere onderwijs voor sociale promotie) voor meer dan 27 studiepunten
  • Werkzoekende schoolverlater
    • uw kind is gestopt met studeren, maar is ingeschreven als werkzoekende (maximaal 12 maanden recht op kinderbijslag).
Studerende kinderen verliezen hun recht op kinderbijslag als ze te veel werken of te veel verdienen.
  • Volgt uw kind deeltijds onderwijs of werkt het via een leercontract, dan mag het bruto maandinkomen van uw kind niet meer bedragen dan 540,09 euro.
  • Een kind mag de hele zomervakantie tussen twee school- of academiejaren zonder uur- en inkomensbeperking werken. Tijdens het school -of academiejaar of in de laatste zomervakantie van zijn studies (derde kwartaal) mag uw kind maximaal 240 uren per kwartaal werken. Let op, voor schoolverlaters na het secundair onderwijs eindigt de laatste zomervakantie eind augustus. In september mag hij of zij hoogstens 540,09 euro verdienen als ingeschreven werkzoekende.
De kinderbijslagfondsen hebben voor studerende kinderen tussen 18 en 25 een inschrijvingsattest nodig als bewijs dat ze onderwijs volgen.

Ouder dan 25

Het recht op kinderbijslag eindigt op het einde van de maand waarin het kind 25 jaar wordt. Ook als het nog verder studeert.

Procedure


Aanvraag

De kinderbijslag wordt aangevraagd door de persoon die het kind bij zich opvoedt in deze volgorde:
  1. de vader
  2. de meemoeder als die ouder is dan de moeder
  3. de moeder
  4. de stiefvader/stiefmoeder
  5. de oudste van de twee ouders als beide adoptieouders hetzelfde geslacht hebben
  6. de oudste van de volgende personen
    1. de partner van de moeder/vader
    2. een van de grootouders van het kind (als die deel uitmaakt van het gezin)
    3. een oom of tante van het kind (als die deel uitmaakt van het gezin)
  7. een broer, zus, halfbroer en halfzus.
Als u al kinderbijslag krijgt voor een of meer kinderen of als de geboortepremie (kraamgeld) betaald werd vóór de geboorte, hoeft u niets te doen. Uw kinderbijslagfonds onderzoekt dan automatisch uw recht op kinderbijslag. Bij een eerste aanvraag vult u het aanvraagformulier voor de kinderbijslag in dat u kunt krijgen bij uw kinderbijslagfonds.
  • Als u uw fonds niet kent, vraag dan de naam aan uw (laatste) werkgever, aan uw sociaal verzekeringsfonds, of aan FAMIFED.
  • U vindt een overzicht van de kinderbijslagfondsen op de website van FAMIFED.

Uitbetaling

De kinderbijslag wordt betaald aan de persoon die het kind opvoedt, dus meestal aan de moeder. In geval van meemoederschap wordt de kinderbijslag aan de oudste betaald. U hebt recht op kinderbijslag vanaf de maand die volgt op die van de geboorte. De eerste uitbetaling volgt dan een maand later. Bij co-ouderschap wordt er aan dezelfde persoon betaald als voor de scheiding. Ook als ouders die niet getrouwd waren uit elkaar gaan, gaat het kinderbijslagfonds ervan uit dat er co-ouderschap is. Als de kinderen bij de vader gedomicilieerd zijn, dan kan hij schriftelijk vragen om de kinderbijslag aan hem te betalen. Als hij dat niet doet moet er verder aan de moeder betaald worden.

Wat Meebrengen


bedrag

Bedrag


Het bedrag van uw kinderbijslag hangt af van de samenstelling en de werksituatie van uw gezin, enkele voorbeelden:
  • Voor kinderen met een handicap hebt u recht op een extra toeslag voor kinderen met een handicap, tot het kind 21 wordt. Vanaf 21 jaar vervalt de toelage. Ook de kinderbijslag zelf kan dan wegvallen, tenzij het kind voldoet aan de algemene voorwaarden die voor alle kinderen tussen 18 en 25 jaar van toepassing zijn.
  • Als eenoudergezin hebt u naast de basiskinderbijslag ook recht op een bijkomende toeslag, de toeslag voor eenoudergezinnen.
Op de website van FAMIFED kunt u via een simulatietool voor kinderbijslag uw maandelijkse bedrag berekenen. In de maand juli wordt de kinderbijslag aangevuld met een schoolpremie, een extra premie voor ouders om de kosten bij het begin van het nieuwe schooljaar te verlichten.

Links


Federaal Agentschap voor de kinderbijslag (FAMIFED)

BevoegdeOverheidsdiensten


Federale overheid

AfleverendeDiensten


FAMIFED

Geografische Toepassingsgebieden



Verwante producten


Gewaarborgde kinderbijslag
Leeftijdsbijslag bij de kinderbijslag
Sociale toeslag bij de kinderbijslag
Wezenbijslag
Verlengde kinderbijslag
Toeslag bij de kinderbijslag voor eenoudergezinnen
Toeslag op de kinderbijslag voor kinderen met een handicap